Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i4 JUNY 1799. 5i«

De Etrfte Kamer van 't Vertegenwoordigend Lichaam, gehoord 't Rapport haarer perfoneele Commisfie, op den 4 Juny 1. 1. benoemd, om te dienen van confideratiën en advis, op 't favorabel bericht en advis van 't Uitvoerend Bewind, wesens de Requeste van zekeren Jökannes Beken , woonende te Hanau; verzoekende , dat de Agent van Financiën mogt worden geauthorifeerd, alsnog , mette°-enftaande den Termyn van oproeping der Crediteuren van den geabandonneerden Boedel van den Vorst van Nasfau was geëxpireerd, het Penfioen aan hem door gezegden Vorst in den jaare 1778. ter fomma van ƒ208 Gl. 'sjaars toegelegd, ter enregiftratie aantenemen, en wyders aan hem te voldoen de vier achterfiallige jaaren, ot wei aan hem hl mindering van hetzelve Penfioen te doen verftrekken zoodanige fomme van Penningen, als overëenkoinftig zynen hoogen ouderdom, zwakken en behoeftigen toeftand bevonden zal worden te behooren.

Overwegende, dat, hoe zeer de Bataaffche Natie met kan geoordeeld worden verpligt te zyn, de door den Vorst van Nasfau geaccordeerde Penfioenen te moeten betaalen , nonhans des Requestrants verzoek is fteunende op billykheid en rechtvaardigheid, daar hem het Penfioen zyn leven lang geduurende was toegelegd, en zyne hooge jaaren en zieklyken toeftand hem verhinderen zich zelf 't noodig levensonderhoud-te verfchaffen.

Overwegende, dat 't zelve verzoek niet is aanloopende tegen de Staatsregeling, daar aan hem niet zoude worden verleend een Penfioen uit 's Lands Casfa, maar uit die van een Particulier, uit de geabandonneerde Goederen van den Vorst van Nasfau. .

Overwegende, dat ook 't zelve niet is contradictoir aan 't Decreet van 't Wetgevend Lichaam, waarby wordt bepaald, dat na ultimo December van dat Jaar (i7980 gefne enregistratiëu meer zouden mogen gefchieden, daar er zoo uitdruklyk wordt bygevoegd, ten ware iemand konde bewyztn in de onmogelykheid te zyn geweest om binnen de gefielde tyd de opgave zyner praten/ie te laten doen.

Overwegende, dat de Requestrant onder prafentatie van Eede verklaart, tot in Febr. 1. 1. onkundig te zyn gebleven van voorfchreeven Decreet.

Over-

Sluiten