Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i4 OCTOBER 1799.

45*

vens alle Stukken, daartoe behoorende, aan de Tweede Kamer terug te zenden. Onderwerpende, enz.

(Geteekend^ Gt. SCHIMMELPENNINCK, Gt.z. J. de WITT.

J. NUHOUT van der VEEN.

En heeft de Vergadering, met rejeclie van hetzelve Rapport, goedgevonden en verftaan, mits deezen te berusten in de redenen van weigering, door de Tweede Kamer ter zaake voorfchreeve aangevoerd, en diensvolgens het verzoek van de voornoemde Requestranten te declineeren en te wyzen van de hand, zoo als hetzelve is liggende.

En zal Extract deezes, met byvoeging van Copie van het hier bovengemelde Decreet van de Tweede Kamer, van den c6. September laatstleden, worden gezonden aan het Uitvoerend Bewind, tot informatie.

De Commisfie tot het werk der Penfioenén, in een Committé Generaal benoemd, by Decreet van den 9. April laatstleden; verzogt zynde der Vergadering te advifeeren op de in derzelver handen gefielde Requeste van J. C. Middelaer, gewezen Colonel Commandant ten dienste deezer Landen; daarby verzogt hebbende continuatie van het aan hem toegelegd Penfioen.

Heeft, by monde van den Secretaris, ter Vergadering uitgebragt het hier navolgend B.apj?ort:

Burgers Representanten .'

Het Uitvoerend Bewind der Bataaffche Republiek heeft, by Misfive van den 5. Maart 1799» onder anderen aan

Uiie-

Sluiten