Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Geestelyke Goederen worden geprafymeera een Gedeelte der Nationale Cas te hebben uitgemaakt; en de betalingen, .die daar uit gedaan wierden, uit 'sLands Cas~ uit hoofde van het verband tusfehen Kerk en Staat o'eI iehied te zyn; ten dien effecte dat de Hervormden nu verplicht worden zelve tot betoog van de ongegrondheid dier pnefumtie aanfpraake te doen, zelve bewvzen aan te voeren, tot welker verfterkinge hunne posfesfie nu alleen maar kan dienstbaar zyn.

Indien hier de qusestie ware over het maken van eene Wet, de Jme Conflituendo, zoude liet niet veel moeite behoeven te kosten, om dit nader aan te dringen- maar daar het hier aankomt, over een reeds gemaakte bepaalinge; zal dit weinige genoeg zyn , om aan te toonen, dat de interpretatie, die de Vertooneren zyn gevolgd, en die de eenvoudige betekenis der woorden medebrengd, geenzins tegen het daar by gelbtueerde aanloopt, veel min hetzeL ve om verre werpen of interverteren, of op niets zoude doen uitlopen.

En daar zy zich dus beyverden, om te voldoen aan het geene de Wet van hun vorderde, om deprtefumtie te doen ophouden , welke by gebrek van zekerheid by dezelve aangenomen was , konden zy, naar hun begrip, de befchuldiging niet verdienen (by het sde bezwaar hier voor opgeven;) als of zy namelyk enkel in het breede hadden ontvouwd, wat rechtens zoude zyn geweest, indien de Staatsregeling de zaak in haar geheel hadde gelaaten, dan hef geene nu, in zekeren zin, als te laat komende moest worden aangezien , fchoon daarby word erkend, dat eenige van die aangevoerde argumenten aanmerkingen, althans aan de zyde der billykheid zouden verdienen.

De Vertooneren moesten, volgens het geene de Wet van hun vorderde, aantoonen ,ldat de Natie, als zoodanige, nimmer Eigenaresfe van de Geestelyke Goederen cn Fondfen was geweest of nog was, en teffens dat de Hervormde Cnnsten Gemeenten die eigendom elk voor haar aandeel toebehoorde, en gcvolglyk dat dit vermoeden (de praJtiMtojwts tantum) die by dit articu was vastgefteld vervallen moest. ö Dn. wr.s geen betoog van hef geene rechtens zoude zyn

ge-

Sluiten