Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Groot Tafereel. 395

gingen onze Cabaal de oogmerken der laatstgenoemde Mogendheid onderfteunde. 'Er moesten menfchen gevonden worden, welke flaafs genoeg aan het welbehagen dier Cabaal waren overgegeeven, of ten minften blind genoeg over de algemeene belangen van de Republiek om in de eene of andere van or&e Provinciën eene onderneeming te doen om den aanflag te doen gelukken; en ook zodanige menfchen zyn 'er gevonden. Op het gedaan Voorftel van zekeren Heer van Citters, fchreef de Regeering van Middelburg op den 5. November aan de Gecommitteerde Raaden der Provincie Zeeland eenen Brief, by welken, na eene lano-e deductie der frivoolfte redenen, en welke den bron deeden ruiken, waar uit zy geput waren, die Regeering aan Hun Ed. Mog. declareerden van oordeel te zyn, dal de Heeren Ambasfadeur: te Parys op defecreetfle wyze behoorden te worden gelast den voortgang eener Alliantie met bet Hof van Vrankryk, hoe nuttig en aangenaam dezelve ook anders zoude mogen zyn (V), niet te verhaasten, en vooral niets definitifs te arrcjleeren, zonder nader verflag aan Hunne Hoo<r M02;. te hebben gedaan , het geen aan de rfpcèlivt Provinciën gecommuniceerd zynde, voet zoude kunnen

gee-

Ca) Deze woorden, boe nuttig en aangenaam die Alliantie anders ook zoude zyn, waren hier Hechts pro forma ingevoegt.

Sluiten