is toegevoegd aan uw favorieten.

De zaak der negerslaaven, en der inwooneren van Guinéa.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

224 nE ZAAK DER NEGERSLAAVEt?

Een ander perfoon, erfde 1754 eene Plantagie op het zelfde eiland en in dezelfde Parochie Hanover f zij had 233 flaaven; in de maand Junij 1786, was hun getal vermeerderd tot 314, hoewel men er 14 had vrijgemaakt, of elders gezonden, en geen een nieuwe aangekocht.

Dit zelfde goed gevolg zag men nog bij zes andere Planters op Jamaica: wat eischt men meerder om verzekerd te zijn dat men buiten het aankoopen in ftaat is om het getal der Negers voltehouden?

Wij zullen dezelfde goede uitkomsten zien op nog andere Engelfche eilanden, of men ook mogt tegenwerpen dat misfchien het klimaat daar de grootlte oorzaak van ware.

Eene Plantagie op St. Christofel, in de Parochie van Nichola Town, had in 1773, 210 flaaven : het getal der mannen was met opzicht tot dat der vrouwen zeer klein; dit maakte de bevolking moejelijker; maar zij werd opgewoogen door deeze twee groote voordeden; de huishouder gerand was zeer menschlijk; en zijne vrouw zorgvuldig en tederhartig; hierdoor vermeerderde de flaaven zo zeer, dat in 1779 het getal bedroeg 228, en toen de eigenaar het eiland verliet, 1781, liet hij daar 234 flaaven , zonder in al dien tijd een eenigen te hebben aangekocht.

Het zelfde ziet men op een eiland, in de Parochie Cayon; de arbeid der flaaven was geregeld, zonder zeer moejelijk te zijn, en zij werden tamelijk wèl behandeld; 1765 waren er 158 flaaven; 1766, 160, en 1781 bedroeg hun getal, zonder aankoop, 172.

In