Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

352 Db Twee Vrienden.

Saint Alban, met waardigheid. Mynheer . . .

Paulina, tegen Melac.

Wat is uw oogmerk met alle deze verwoedheid?

M e l a c de zoon.

Indien hy myn vader fpaart, krygt hy uwe hand; hy is dus niei dan te wel beloond: maar myne gevoelens t'uwaards te durven aantasten! . . .

P a u l i n a, gebelgd. Uwe gevoelens! . . . Welke regten durft gy doen gelden ? . . . Hebt gy my myn woord niet te rug gegeven ?

M e l a c de zoon. Heeft de eer my vergund het zelve te houden? Gy berooft u van alles om myn vader te redden....

Saint Alban. Hoe ! die honderd duizend Ecus, die men zegt geleend te zyn. . . .

M e l a c de zoon.

Behooren haar, het is haar goed,alles wat zy in de wereld heeft.

Saint Alban.

Behooren haar! {Ter zyde.) O God ! welk eene deugd. (Hy ftaat in diepe gepeinzen.)

Melac de zoon, met nadruk.

Heb ik dan by myne opoffering te veel van u

bei-

Sluiten