Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28 De Edelmoedige n.

lige moeder, met zo veel vlyt gewonnen , met zo veel overleg beftierd, zal, na mynen dood, in een

grondeloozen afgrond zinken. Het zoude my

in myn graf nog fmarten, na zo veel flavens, en na zulk een gelukkigen handel, eene arme nakomelingfchap te hebben. Nog eens, ik wil alles toebrengen, wat billyker wyze kan gevorderd worden, zo gy Arabella kunt overhaalen om u haare hand te ge. ven; zy is zedig opgevoed ; zy zal de waarde van het geld kennen; en haare wysheid zal, hoop ik, het gebrek van uwe zorg vervullen.

Grandison.

Gy doet my onrecht, vader, ik geef zeer wel acht op myne zaaken, en....

Merchant.

Wat zoudt gy , Grandifon! byaldien gy op uwe huisfeiyke befliering behcorlyk toezaagt, zoudt gy u dan dagelyks zo openlyk laten beitelen, zo als ik in het zeekere onderrecht ben, dat men u doet! maar gy geeft u met de zaaken van een ander zo veel te doen, dat uwe bedienden hunnen rol kunnen ipeelen zo als zy willen.

Grandison. Myne bedienden!

Merchant. Ja! uw lyfknecht, uwe begunftigde Philips!

Grandison. Wat heeft die gedaan, vader?

Mer-

Sluiten