Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6 D E KA R A V A A; N,

ZEI IM E. Helaas! zy die u kan behangen,

Trotfcerendc de wreedfte dood, Zou zich dan 't flèrven niet beldaagert, Zo gy haar in uwe armen iloot. TE SAAMEN.

Helaas !»| |» die u kan behaageu,

Trotfeerende de wreedfte dood. Zou zich dan 't fterven niet bcklaagen,

^° gy »jj j^"' |« in uwe armen floot.

T WE EDE T O O N E E L.

DE VOORIGEN, HU SKA, met een boek in de hand Kit eene tent komende, by zichzelven.

X ien...twaalf...dat cyfren kan myn hoofd tot last verftrekken.

(Hy geeft zyn boek aan een en Jlaaf over, daarna tegen de karavaan.~) Men houd' zich vaardig om ten eerfte te vertrekken.

{Tegen St. Vhar en Zelime.) Komt, maakt een einde van dat zuchten, datgeklag, Wyl gy gefcheiden wordt vóór 't einde van den dag.

ST. PHAR tn ZEEIME, tefaamen. My fcneiden van al 'tgeen ik min !

HUSKA.

Wie moogt gy weezen , Dat

Sluiten