is toegevoegd aan uw favorieten.

Verloskundige waarneemingen en aanmerkingen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C ï8o )

Wel aangelegd zijnde, nam ik een doek, welken ik om de uiteinden der tangfloeg, en welken ik met beide handen aanvatte, en trok zagtjes al wrikkende naar de eene en andere zijde, allengskens opwaaards, naar maate het hoofd nader kwam tot dat de nek tegen den onderften rand der fchaambeenderen gekomen was; dan ik trok niet onophoudelijk, maar met tusfehenpoofen, om aan de bilnaad tijd tot uitrekking te geeven, en verfcheuring voor te komen, in welken tusfchen tijd ik telkens onderzocht, I hoe verre het hoofd genaderd was; toen ik bevond dat de nek tegen den onderften rand der fchaambeenderen gekomen was, ftond ik van den ftoel op, vatte met eene hand te tang, met de andere de bilnaad onderfteunende; ik trok verder de tang geheel om hoog, zoo dat mijne hand en de tang tegen den buik van de vrouw raakten, om het hoofd boogswijze te doen draaijen onder de fchaambeenderen, in navolging van de natuurlijke verlosfing ; toen het hoofd geheel gebooren was, maakte ik de tang los, en handelde verder als in eene natuurlijke verlosfing. Het was een kloek en grof meisje, het fchreeuwde zoo dra het gebooren was; de nageboorte volgde kort na het kind; en de moeder is fpoedig herfteld.

Het kind hadt geen de minfte beleediging door de tang bekomen.

Aan-