Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( «4 )

hadt.' Den volgenden dag, wanneer ik van de ligging van het hoofd verzekerd werd, was het geen tijd meer om de keering te onderneemen , om dat het hoofd te laag in het bekken gezakt was. Door dit aangehaalde, wil ik alleenlijk betoogen, dat het niet altijd in de magt van den Vroedmeester is, om in dergelijke gevallen, het kind dooide keering te redden; alhoewel het bekken ruim en wel gevormd is; ten ware, dat men onmenfchelijk genoeg wilde weezen, om de moederhet flagtoffer te doen worden van haare vrugt, en dan zou het nog zeldzaam gelukken, dat het kind niet mede omkwam.

Dat ik in deeze, als [in de voorige Waarneeming, het hoofd opwaards beftierd heb, was, zoo als ik in de Waarneeming reeds heb aangeftipt, om de verfcheuring van de bilnaad te vermijden: maar wat meer is, de natuur zelve was mijne geleidfter; onder iedere wéé, voelde ik zeer onderfcheidenlijk, dat het hoofd eene draaijing opwaards nam, mijne hand wierd door de tang als gedwongen, eene opwaards gaande beweeging te maaken. IederVroedkundigen,die ondervinding heeft, laat ik, in deezen, mijne behandeling overweegen, en beöordeelen.

Al verder, wanneer men, in overweeging wil neemen, dat de grootfte meeting van het hoofd tusfchen de fchaambeenderen en 't ftaartbeen geleegen was, en hoe verre ik het voorhoofd buiten de fchaamlippen zou hebben

Sluiten