Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CHRONYK. IV Hoofdfl. 437 molens, met goedvinden der Friefen, béhou- A: dens nochtam- ,dat elk een rosmolen in zyn 1399^ huis mogt gebruiken: gelyk Hy mede voor zich hield de gifte van de kerken in den lande, mits dat hy, by het openvallen der zeiven, een geboren Fries moest aanftellen tot Priester; zo nochtans, dat elk zoude behouden de gifte van het outaar, het welke hy zelf, of zyne ouders, gefticht hadden uit hun'eigen goed. Ook werd bepaald, dat den Hertog zouden toebehoren alle aanworpen en landen buiten dyks ; maar echter, dat elk, die oude dyken ingelegd had, zyn land behouden zoude, dat buiten dyks lag; mits dat men zeedyken zoude mogen maken En 'c van de aarde van dat buitendykfche land, welk ter keure en fchatting der Heemraden: dat ^ het ftichten van eene Kerk met twaalf pre Hertog) benden, en een Gasthuis, gelyk reeds tevoren en Graaf vasteefteld was (/) , om de armoede vyf ja Willem,, ren uitgefteld zoude blyven. En is deze overeenkomst, zo wel door Graaf Willem |end. van Oostervant. als door Hertog Albrecbt, ge- en ook tekend (m); gelyk dezelve mede door die van aangeOostergo en Westergo op den eed en hulde, ~eg< welke zy den Hertog gedaan hadden,is aan- ligddo0r genomen, en bezegeld op den 3 van Bloei- óostergo

maand (?;) en ^es'

Op den 31 van Lentemaand gaf Hertog terëeAlbrecht aan die van Ouder- en Nieuweramftel,

om

CO Zie hier voren bl' 4°9* j r.

(m) Schwartzenderg Cbarterb. van Friesland, h D.

bl. 290

(11) Het zelfde Boek bl. 292.

Ee 3

Sluiten