Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 5*7 )

fchermers der Volkeren voeren. Zyn dat kentekenen van een Goddelyke, van een magt, die onmiddelyk uit den Hemel nederdaalt, en daarom geheiligd en onwederfpreeklykis, gelyk de Turkfche Leeraren voorgeeven ? Beltaat het ware kenmerk der Godlykheid, in het verwaarloozen zyner plichten en het misbruiken der Heerfchappy , en dat men de zorg daat van aan een ander overlate ? Indien hy, die het Oppergezag voert, daar toe van den Hemel gëlchikt is, . heeft/ men niet den Sultan of den Vorst, maat den Vizier of eerflen Minister voor dien man aan te zienHoe de Godgeleerden in Turkyen over dit fluk redeneren , is ons onbekend; maar wy twyffelen niet, of het ontbreekt hun geenfints aan fyne onderfcheidingen en doorfleepen uitvlugten, om hun gedrag te regtvaardigen; wanneer zy den Monarch, gelyk wel eens gebeurde , van den throon hielpen ftooten of om hals brengen; fchoon zyn perfoon volgens hunie beginfelen en gronden heilig was, en zyn maciit van niemand mogt worden weerftaan en tegen gefproken.

De drift, de grilligheid en kwade raad van een lieveling, d.e in gunst en aanzien de eerfte ■-'laats bekleedt, gaat by een iiaphartig Vorst, altyd als een regelmaat van wet en biliykheit door. Gelyk een man die zich boven de

wetten

Sluiten