Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ü6.2 prijsverhandelingen van het

lijderes klaagde , dat ze als met eenen ijzeren „ band gekneld werd ,• en den twaalfden d3g , na

het opkomen deezer zwaare toevallen, aan ge-

weldige ftmptrekkingen overleed."

j. acrel een beroemd Zwcedsch Hoogleeraar der Heelkunde, verhaalt: dat in 1754 een kanker uit de onderlip van een' Boer werdc gefneden : toen, na den zestienden dag , de wond genezen was, begon de onderkaaksklier te zwellen, en werd, binnen vier-enrtwintig uuren, zo groot als een muscaatnoot , hij begaf zig vervolgends - naar zijne geboorteplaats : doch „ waarfchijnelijkzegt de Heer acrel, „zal „ het kwaad zig, op eene flimmere wijze, onder

de kin weder- geopenbaard hebben." (/)

Bij een'anderen Boer fneed acrel, in 1756, eenen kanker uit den hoek van den mond ; met de wond fchikte het zig redelijk ; doch de

klieren onder dë kin en den mond begonnen „ zo fchielijk , en zo geweldig optezetten , dat

zo wel de ademhaling als de vrije loop van 3S het bloed, naar en van het hoofd, langzaa„ merhand belet werden, tot dat hij , in de 3J vierde week na de operatie, ftierf." (u)

(j) acrel, Heelkundige Waarneemingen, Ned. Vert. "sHaage 1781. (t) Ibid, p. 32, Cu). Ibid,, p. 35'-

Sluiten