is toegevoegd aan uw favorieten.

Overysselsche gedenkstukken.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 3* )

andere Amptenaaren , in het aanleggen vïn banwouden , is voorzien by de Capitularia van Karei den Grooten en Lodewyk den Vroomen lib. 4. n. 65 & 42. en gelafl:, om alle banwouden , welke zonder bewilliging der Keizers, waaren aangelegd te laaten vaaren. zie ook capitul. lib. 4. append. 3. n. 3. Edit. Georgifch Column. 1397.

In de Capitularia der Longobarden van Karei den Grooten n. 71. wordt gebooden, dat niemand onderneeme ftrikken te zetten in een Koninglyk woud , nog op eenige andere Koninglyke plaatfcn, en dat een vry menfch, zich daar aan fchuldig maakende , moet bctaalen des Konings ban.

Keizer Otto de Groote gewaagt, in eenen brief van den jaare 943 , van een Pagus foreftenfis , dat is, uitgeftrektheid lands van een forstgraaffchap, welk is in het Graaffchap , dat is, Graaflyk bewind, (1) van Everhard, waar in hy aan alle Graaven , en andere Mannen , verbiedt, grof, aldaar genoemd , wild te vangen (2) , zonder toelaating van Bifchop Balclericus; boven dien gebiedende dat in alle de uitgeftrektheid , van dat Vagus en van het bofch Vollenhove, tot aan de bygelegen overige landftreeken, het forstrecht

zal

(1) Zie meer voorbeelden , alwaar Comitatus gene* men wordt voor Graaflyken rechtsdwang of bewind, by Struv. ctrp. jur.. publ. Germ. cap. tl. $. 2. not. J»I. verf. in pago fcitici £ff.

(2) Zie hier over een letterkundige aanmerking vaa Mr. Jung. Hifi;. Comit. Eenth. pa^. Cz.