is toegevoegd aan uw favorieten.

Wysgeerig onderzoek, wegens Neerlands opkomst, bloei, en welvaard; het daarop gevolgd verval, en wat de nog overgeblevene middelen van herstel zijn.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE HOOFDSTUK.

vertier. Oorzaaken die alle ïn deezen medegewerkt hebben tot ons verval. Trouwens alles fchijnt in de Moreelé even als in de Phyiïfche waereld, maar tot een zeekere hoogte te kunnen komen, en die bereikt hebbende daalt alles weder tot zijn waterpas. Zijn Tollen en Belastingen te ondragelijk geworden, dan leggen dezelve den grond tot Revolutien, en bewerken hier door de Despoten hun eigen val.

$. 81.

Heb ik bij §. 67. en 68. het nodeelige der Gildens aangetoond, alle Oftroiën terbegunftiging van eenigen tak van handel, waar bij andere ontflooken worden van in mededinging te mogen komen, zijn fchadelijk voor het algemeen belang, ten ware, gelijk bij de Oostindifche Maatfchappij, de particuliere vermogens ongenoegzaam waren ter mededinging met andere Volken. In zulk een geval, daar een mededinging tusfchen Volk en Volk plaats heeft, moetende bijzondere werkkragten tot één algemeene werkkragt vereenigd worden, maar in de Burger Maatfchappijen, daar de itaat van gelijkheid plaats heeft, mogen geen bevoorrechte Handen weezen, — enkelde gevallen zijn er nogthans daar zulks plaats kan hebben, bij voorP 3 beeld,

Narfeelea van Oo truien.