Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WE ST-INDIEN. Si

leezene partij zwelgers, die zich moeite gaven, om het mij, als een vreemdeling zijnde, noch aan eeten noch drinken te laten ontbreeken. Het eeten werd opgedraagen; wij zetten ons aan eene welvoorziene en welgeordende tafel, die Benniba's fmaak eere aandeed. In het midden ftond een voortreffelijk pepergeregt, dit is een allerlei; en beftaat uit een groot ftuk osfenvleesch, in fchijven gefneeden, uit veele bladeren van de Toyau Calliloo, eene plant, die naar mijne gedachten alleen in. dit waerelddeel wast; uit eenige vruchten van de gewone peper in hare fchcllen, en. eene menigte kruid van een zeker gewas Ocro genaamd, benevens Timian en Schnittlauch, waar-' bij nog kreeften, paalingen en andere visfchen in, menigte gevoegd waren: buiten dat, wordt het nog met deegkiompen en ijamswortelen vergroot. De hoofdkleur is groen, en men ziet 'er de roode kleur van de kreeften, het witte van de deegklompen, en de ijamswortelen, en de onderfcheidene kleuren deikruiderijen doorfchijnen. Wanneer het goed gereed gemaakt is, zoo als het zoo even befchreevene, dan is het een buitengewoon lekker geregc.

De

Sluiten