is toegevoegd aan je favorieten.

'sWerelts begin, midden, eynde, beslooten in den trou-ring, met den proef-steen. Van den zelven.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOUWELYK 6i$ Laet Salornon een deel van zynen Hof genieten, Èn geeft hem nu de vrucht daar uit de Wynen vlieten? Maer brengt het vol gewas in myn verheven zaal, Want die het al bezorgt, behoort 't al te maal. Wel aan nu, lieve Bruid, die aan de groene boomen,' Die in den fchoonen Hof, en langs de klare ftroomen, U woonplaats heeft gezet, maakt mynen Naam bekent ± Aan die u zoeten aart, en ftemme zyn gewent. Myn eenig toeverlaat, myn hertens zoet verlangen, Qa.) En laat myn bange ziel niet meer in twyffel hangen, Komt ihellyk neder waarts gelyk een jonge Rhe, Komtfnellyk, waarde Vriend, en voed het jonge vee. Komt fnellyk nederwaarts in deze lagen dalen, Daer u ellendig volk, u teere fchapen dwalen, Maakt eens ter lefter tyd ons zielen onbefcnroomt, Komt Hoeder van den Menfch, komt Heer en Herder Maar na dit bly gezang verneemtmenftuurevlagen,(komtO Die Godes waarde Bruid al Weder heeft te dragen, De wyze Dichter (terff; Het was een Swanen lied t,(b) Het lefte dat het volk' van zynen mond geniet, ( Het Ryk dat word verdeilt,ehtiengeheeleHammen, (c) Die op Rehabam in grooten haet vergrammen; Ontrekken haar de'macht van Davids edel zaet, Soo dat het gantfche land in vreemde bochten ftaat.' Wat is van aerdfche macht, eri groote Koningryken," Al wat oit hooge wies dat moet ten leften wyken: Hier onder is geen (laat die eeuwig duren zal, Na hoog te zyn geweeft, zoo komt een lagen valJerobeaam die weet door lift van flimme grepen, (d) Vonr eerft het oorlogs volk tot Zyn bevel te liepen; En heeft zoo met beleid en door geduchte macht,. Meeft aj des Heeren Volk tot hem alleen, gebrach. Wat zyn ^er naderhand, wac zyn 'er felle ilagen, Door Ifrael gegaen, in Ifrael gedragen'? Dan midden in het Ryk, dan weder buiten 's Lands: Eylaas '? een ftaag verderf voor alle jonge Mans.

T t Maar

•CO De Kerke. (b). , Koning, 14: 43. CO » Koniig. i»i 19 (d) 1 Koning 12: 25.