Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2o DE NIEUWE PSALMBERIJMING. Daal ruime zanggeest van de alötide lofzang voogden! De geest van Afafs vrolijk kroost, Door Hemans zaad verpoosd, Door Jcduthun gefchraagd — die IsrelsGod verhoogden — Die geest — die 't hart beftraald — Weleer zoo flroomend neergedaald — Op vier-eu-twintig ordeningen — Die leert den waaren toon der hemelliedren zingen: Stroom — Goddelijke geest! droom in de harten neêr!

Dan krijgt Immanuël zijne eer; Och ! dat we, al zingend, dus het juiste doel beoogden! En brakke traanen met de tempelzangen droogden !

Zoo volgt men Moses met de dankgezinde reien, Terwijl de trommelende maagd Met Mirjam offers draagt, Wier geur en galm zich door de wildernis verfpreiën; ó Vrouw van Eikaria! G Isrels moeder; Debora ! Verheugde troep der Hebreemvinnen — Gefnoerd gezelfchap van de grijze huisgezinnen — Jahaziël —> yerzeld van uwen Benaja —

Men volgt uw beurtgezangen na: Zoo wijkt een mager Sin voor Bosraas vette weiën ; En Goël zal zijn volk met pfalmen binnen leiën.

Druk

Sluiten