is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling van placaaten, resolutien en andere authentyke stukken enz. betrekking hebbende tot de gewigtige gebeurtenissen, in de maand september MDCCLXXXVII en vervolgens, in het gemeenebest der Vereenigde Nederlanden voorgevallen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

76 Verzameling van Stukken ietrekkelyk tot

zo verre zelvs, dat niet flechts haare byeenkomftea van Genoodfchappen tegen welke zelvs de kundigfte trekken en lagen van den Accufator PubHeus, geene befchuldiging konden inbrengen, op eene Politique, op een ongehoorde wyze verboden zyn, zy ziet thands haar wapening op alle mooglykewyze^onderhands en van ter zyden tegengegaan.

Zy ziet zich zelve door een ander Plakaat van den 25 September 1786, beneeden de Dieren vernee» dert; zy ziet zich verhindert, om wanneer zy vertrapt en vertreden wordt, haare klagtén daar over aan U Ed, Mogenden in te brengen; zy ziet zich dus verftoqken van een recht, dat het eerfte geregeld middel is, om redres van wettige bezwaaren op eene befcheidene en vriendelyke wyze te erlangen; zy ziet zich een recht van klagen ontzegt , dat indien 't hunne Voorouders onder de Spaanfche Regeering benoomen was geweest, het Request der verbondene Edelen aan de Gouvernante, en daar door 't ontluiken der Nederlandfche Vryheid, zoude verhindert geworden zyn.

Dit groot Contrast in U Ed. Mogenden handelingen, gevoegt by de kennis die de Natie heeft, dat de betragting der Conftitutie, dat is derFundamenteele Wetten in complexie befchouwd, hier zeer mank gaat, waar door alles zelvs haare bezittingen en leevens onveilig worden, by de bewustheid, dat wy eenen Stadhouder en Kapitein-Generaal deezer Provincie hebben, die geweigert heeft, aan de by U Ed. Mogenden hem voorgefchreeven Inftructie zich te verbinden; dat die zelve Stadhouder onderneemend genoeg is, om de Fundamenteele Wetten des Lands, naar zyn zin en believen willekeurig te veranderen. Dit alles geeft met den hoogden grond, reden tot wantrouwen.

En het is alleen aan 't bedaard, vredelievende en niet dan in de uiterfte nood werkend Caracter onzer braave Ingezetenen toe te fchryven, dat men ons niet al voor lange rekenfehap onzer betragting hebbe afgevraagt.

Geene