is toegevoegd aan uw favorieten.

De herfstdag, tooneelspel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

94 DE HERFSTDAG,

Wann. Stel ons gerust: hoe hebt gy 't3 selb. Vermoeid , doch anders wel. Laat my flecir' noch een weinig bedaren. wann. Bedaar! want dezen bedaren ook selb. Hoe zo?

wann. Deze wilde tegen Lechner den degen trekken cn die met zyne vuisten op zvne tronie trommelen"

selb. (Staat op.~) Kinderen!

wann. Stil. Zy hebben beloofd, die voldoening tc zullen goedkeuren, die ik ben zal bezorgen.

selb. ik dank u, broeder! gy kwaamt in een tyditip, waar een broeder noodig was.

vinden N' * *a*^ Gy Zult m-; zo-

piet. Jk weet niet, of ik myn' broeder noodig was, maar mtuslchen was hy my zeer genegen, vader'1 fchonken Hy my e'CQ aan£enaam oogenblik ge-

selb. Voelt gy dat, Frederik? fred. jai

selb. Dat "is een goed bericht. Komt, myne zonen * bemint elkaer altoos, zyt elkaêr altoos nuttig, a'toos genegen, dan beleeft gy genoegeïyke oogenblikken ! (Frederik en Pieter omhelzen eikanderen.) Zie daar ik ben vader van deze twee zonen! Dus ligt troost, moed en beloomng in dit woord! Maria zal ik fpreken als zv komt. Niemant moet haar roepen!

prET Gy zyt zo goed , vader! De hemel verleene u noch vele genoegeïyke dagen onder ons!

selb. -indien na u nuttig is. Ga nu naar beneden. -

„i>IET; A^at ZaL lk,' wam Sy zyt nu gerust en hebt een' vrind by u,die het wel meent, en meer weet dan ik. (Hy vertrekt )

selb. Frederik, het heeft myn hart verheugd, dat gy Pieter genegen zyt ! ik dank u , ga nu heen! (Frederik omarmt hem vurigtyk en vertrekt vervolgens.j

NE-