Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

■T00NEEL5PEL.

Heer van wallenveld , (gaet heen en ■weder.)

van posert, (hij drinkt.) U, zo gij weder aen de bank koomt, het pointeerboek uit 4e hand flaen?

Heer van wallenveld, Mensch! wat let mij!!

van posert. Gij zijt dus volftrekt ellendig ?

Heer van wallenveld, Meer dan volftrekt.

van posert. Ha! ha! ha! Heb ik het niet terftond aen mijn kleenen 'Éaron gezegd, toen gij de eerftemael bij ons fpeeldet? Let wel, Aiiron ! zeide ik, deeze verbrandt vleugels en lighaent. Ha! ha! — ö ik zag het oogenbliklijk! ik kenne mijn klaa. ten.

Heer van wallenveld. Helaes! — ik had het ongeluk u niet te kennen.

van posert. Met het eene oog zie ik: ö door een plank kan ik zien. Hm! jeugd ! driftig bloed. — Maer fpreeken wij wat openhartiger! — luister eens, gij zijt dus een geplukte vogel? Nu, ( hoestend ~) gij zijt te helpen.

Heer van wallenveld. Van Pofert!

van posert.

Ja! ia!

Heer van wallenveld, Jk te helpen?

B s vaï?

Sluiten