is toegevoegd aan uw favorieten.

De rede en haar gezag in den godsdienst, briefswyze voorgesteld door Paulus van Hemert, aan [...] Gisbertus Bonnet.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 157 )

zelfs toeftcmmen, dat de eerste mensch, ftraks na zyne fchcpping , met buitengewoons openbaringen is begunstigd geworden : of, met andere woorden, dat de groote Werkmeester des Heelals een zyner heerlykfte werken , den mensch naamlyk,zoodanig gemaakt heeft, dat Hy hem, terflond, van buiten hulp moest aanbrengen, zou hy aan 't oogmerk des Scheppers beandwoorden (l). Maar is die nieuwe, die

bui-

(/) De Heer Je; ufakm, die mede van dit gevoelen is, redeneert in dezer voege : „ Indien de Schepper in de fchepping van den mensen eene verilandige bedoeling heeft gehad ; zoo kunnen wy ons den eerden (Iaat van den mensch, met betrekking tot zyne lichaamlyke behoudenis, zonder eene byzondere fchikking of onmiddelbare hulp vau

den Schepper, in't geheel niet voordellen; Zou het

nu wel n>et Gods wysheid en goedheid minder overëenkomftig zyn geweest, dat Hy, in den beginne, den mensch aanfionds de e'erfte begrippen , die tot zyne zedelykheid wezenlyk noodig waren, bekend zou hebben gemaakt, en zich aan hein geopenbaard, ais den Schepper en Regeerer der waereld, onder wiens zedelyke regeering ook hy in 't

byzonder flond?" Dan , hoe welfprekend de Abt zy-

se zaak bepleite; blyft 'er echter, dunkt my, zoo op de eerfte als tweede Helling, vry wat aantemerken. Wie kan zich den kindfehen Raat der waereld en der menfchen regt verbeelden, om daar uit befluit te trekken? Wie kent de rede genoegzaam , om hare eigen kragten te bepaalen? Wie zal dë mooglyke aanleidingen tot nieuwe ontdekkingen

op-