Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE BRIEF. 2?

vooral geene denkbeelden van aardfche voorrechten moest vormen, gelijk de Joden in dien tijd meest alle deden. Dus was het zeer gepast, dat Jefus, fprekende met iemand, die kwam vernemen, wat er van hem en zyne leere ware, terftond zijn gefprek begon met de leere aangaande de noodzakelijkheid der wedergeboorte.

Dus verre dan gezien zijnde, zoo ik meene, dat in het gefprek van den Heiland met Nicodemus door de fpreekwyze van wedergeboren te worden het denkbeeld van verandering van Godsdienst geenzins wordt aangeduid, maar dat de zelve fpreekwyze verandering van gedrag, van gezindheden, van hart, influit, zoo zou nu de vraag zijn; Hoe komt men aan die wedergeboorte? Heeft Jefus dit ook niet in dat gefprek geleerd? Is dit niet bevat in het vijfde en zesde vers?

Doch, deze brief reeds zoo lang geworden zijnde, fpare ik dit tot mijri' naastvolgenden. Intusfchen <é* enz.

VIER-

Sluiten