Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6 PARIJS IN GEVAAR,

6 Mevrouw alles is zo konstig beftooken, dat

niemand gewaar zal worden, dat de Koning en Koningin vertrokken zijn; de weg welke hij over moet, heeft men zodanig met volk voorzien, dat men hem onverhinderd zal laaten pasfeeren en zo

hij eens weg is, Sta vast dan!

Madame blanketsel. Weg moet hij, ik heb mevrouw de Koninginne al voor langen tyd dezen raad gegeven, maar het was toen niet raadzaam om uittevoeren, de tyd was toen nog niet gebooren zo als heeden.

list.

Thans is de tyd daar, nog weinig uuren en de Koning zal van zijne banden ontflagen zyn; men heeft heimelijk onder eenige van de Vrienden der Conftitutie doen verfpreiden, dat hij door eene weg zal trachten uit het Paleis te komen, en het is juist eene geheele anderen op welke men geen gedagten heeft Hij is ook zo wel bezet door volk als de anderen , maar "er zijn 'er flegts vier welke de wacht houden; drie zijn 'er omgekogt en de vierde zal opgeiigt worden.

Madame blanketsel.

Zo hem alles maar mag gelukken. Ik wensch

het met myn hart. — Ik heb met verfcheide Heeren van de Nationaale Vergadering in gefprek geweest en alles uitgehoord, maar zij gelooven zelf dat het vertrekken van de Koninglijke Familie mets was als een uitftrooifel van volk, welke het gaarne zoude zien dat zulks gebeurde. Ik verzekerde hen dat wat mij betrof, ik dagelijks met mevrouw de Koningin omging, maar dat ik niet kon verneemen . dat 'er de Koning toegenegen fcheen, fchoon de Koningin het wel zoude willen.

list.

Hier hebt gij geen kwaad aan gedaan... Maar

zagt.

Sluiten