is toegevoegd aan uw favorieten.

De gewaande onnozele juffer, of De belagchelyke poëet. Blyspel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S L T S P EL. 103 de richterin] tegen de Gravin. Myn kemel', wat is hy bcfchonken!

de gravin.

Dat is ons wel bewust. de graaf, tegen de Richterin.^ aj^0os

O^S'S^ ook eens zul. weezen.

de richterin.

Ik wil my daar geenzins aan verbinden, 6 neen! ' ]k behou mvn eigen uitfpraak, en zal die richten naar dat my de" zaaken te vooren komen.

de graaf.

Zee mv reis, myn Koningin! waar is uw Zotskap van egenman gebleven? hebt gy niets van hem vernoomen?

de ri c hterin.

M«m 7nrs;kar3 van een man! Mynheer de Graaf! myn edatgyhe.ndUrfche.dnaamenhoont

Hy heeft door zyn gedrag en verftand, zich altoos als

een braaf Richter betoond.

de graaf.

Dat is een fehoone zegging, Mevrouw de Richterin!

maar al wierd gv noch zo ongeduldig, Zo is uw waarde man een kwast der kwasten.

de richterin.

Hy is

dan, zo als hy is, Mynheer, gy zyt hem meer ont73? en mv meer eerbied lehuldig. Mynheer ,\l Richter , kan voor 't minst Mynheer de

Graaf wel opweegen.

De Heer van der puin, tegen de Ricktenn. Bravo, Mevrouw! de g k a a f.

- Gy hebt mis, inderdaad, G 4 $