Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZANGSPEL. 39

ELFDE T O O NE E L.

G R O S P IE R R E.

Ik begin waarlijk te vreezen, dat zij twijfelt, ó Die moeders zijn zo flim, zo dim. Ja! zij zien alles.

R O ND E A U.

Vergeefs verwacht eens minnaars fmart,

Een geest tot zijn behoeder. Want men bedriegt niet ligt het hart,

Noch de oogen van een moeder.

Ik weet wel, dat een man,

Stil, briefjens geeven kan. Dat het hem kan gelukken, Zijn lielïlens voet te drukken. Doch dit vermaak te plukken

Weet het geluk Hechts van. Doch de moeder, kan goed raaden, Zonder te zien, wat daaden

Men pleegt: cn vat met recht,

Den minnaar, en zij zegt:

Hal ba! mijn lieve vriend! meent gij dan, dat ik gisteren eerst in de waereld ben gekomen? Neen, ik weet alles zo goed, als gij. Vertrek, mijn vriend, vertrek.

Vergeefs verwacht, enz»

C 4 Eaj

Sluiten