Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L r S P E L. 39

EE SCHOOLMEESTER Vêrfihrtkt*.

Lieutenant"} hoe!

R ENDIWS.

Ja, de officieren zyn engelen des fatans; zyn werktuigen ter verleidinge op aarde.

DE SCHOOLMEESTER.

Het is dan een officier die deeze kunst uitoeffent? — ik meende dat het een geleerde was ?

ROSENSTEIN.

Kan dan een officier geen geleerde zyn.

DE SCHOOLMEESTER.

Het is mooglyk, ja! — maar —

ROSENSTEIN.

Schaadt het, als hy de zaak verricht ?

DE SCHOOLMEESTER.

Me praefenti — neen! '

RENBIU'S

Zal deeze vroome wooning dan een tempel van duivels kunften worden? o had gy vroeg en nuchtcren , uwen kubach over de aanvechtingen geleezen, dan zou u dit niet overkoomen! genoeg, myne bruid zal nietgemagnetifeeri worden!

DE SCHOOLMEESTER.

Hoe? — zal myne dochter geen nieuw verftand worden by gebragt ?

RENDIUS.

Wat een vrouw buiten het koeten leerdt, dat is van den kwade!

C 4 *o-

Sluiten