Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a DE HUISVADER.

k a r e l.

Is mijne zuster noch niet terug gekomen?

dromer.

Dat ik weet niet; — ook ben ik flechts een ogenblik hier.

k n e g t. De Gravin zal zo hier zijn. {Hij vertrekt.)

k a r e l.

(werpt zich met een zekere nadenkende houding op de Sopka.~)

dromer.

Gij zijt in een kwade luim, Graaf.

k a r e l.

Het weder

dromer.

Of wel

karel!

Wat gij wilt, wie gij wilt. —— Ook dunkt mij is het beter dat ik mijne zuster niet afwagte: weest zo goedt haar te zeggen, dat ik hier ben geweest, en haar een goede morgen wenfche.

dromer.

Ik heb u immers niet beledigd ? uw beste vriendt. ——

k a r e l.

Mijn God! in 't geringfte niet; — maar men moet anderen met zijn kwade luimen niet lastig vallen.

iiro-

Sluiten