is toegevoegd aan uw favorieten.

Menschenhaat en berouw, tooneelspel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T O O NE EL SP EL.

FRANS.

Üj ook.

DE GRAVIN.

Hoe ? Gij zelf kent hem niet ?

FRANS.

6! Hem ben ik wel, dat is te zeggen, Zijn eigenlijk ik, zijn hart, zijne ziel; of gelooft gij, dat men de mentenen kent, wanneer men hunnen naam weet?

DE GRAVIN.

Braaf! gij behaagt mij, en nu wenschte ik ook met u kennis te maken. Wie zijt gij dan?

F RANS.

Uw gehoorzaame dienaar, (ffif vertrekt.) V IJ F D E T O O N E E L.

, DE GRAVIN, DE MAJOR. BE GRAVIN.

Vreemdheid! zucht om zonderling te fchijnenl Ieder een wil onder zijne medemenfehen uitblinken; de een zeilt de waereld rond, de andere verfchuilt zich in eene hut.

DE MAJOR.

En de dienaar aapt den heer naar.

DE GRAVIN.

Koom, broeder, wij zullen mijn man opzoeken; hij ging met jufvrouw Muller ginds door 't veld.

f 4 DE