Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vy (34)'

Hier ziet hjj 't fchenden der verdrukte zeevaerdij; Daer kan de moord van Krul zijn turende aendacht wekken;

Uier ziet hij 't Rppvrenrot,, van 't vuigfte hoofd geleid, Door fchreemvcnde overmagt, ons 't weerloos West ontrukken ,

En, doof voor 't luid geklag der deugd, der mcnschlijkheid, Den moorddolk in de borst van zijne brocdren drukken;

Daer ziet hij 't land verwoest, in ftuivend puin verkeerd, Het regt der volken, 7t regt des oorlogs zelfs, vertreden, . En de onderdrukte fchaer, door plonderzucht verheerd, Op 't wreedst ten doel gefield aen fnoode uitfporigheden.

Hoe gist zijn bloed, verhit door dit tafreél van wee! Terwijl zijn oog nog gloeit van woede op die Barbaren,

Ontdekt het hunne vloot; de lucht weergalmt hoezee, Den fleren vreugdetoon van Neèrlands waterfcharen.

's Lands wakkre Vlootvoogd, voor geene overmagt veftfaegd, Beveelt zijn volk den ftrijd; hij wil den Brit doen blijken,

Sluiten