Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

16 brief van des

H.BERr.. I. AP»,

brief voor een blijvend gedenkteken van de edele ziel van willem V.

§. VI.

Daar men nu de lasteringen tegen den Prins Erfftadhouder, onder het opzicht en de befcber. faling van eenige heerschzuchtige Ariftocraaten , dorst uitftroojen , bedienden de couranten en weekfchriften zig hier van, om hem in nog grooter verachting en verdenking te brengen : de openbaare befchuldigingen tegen den Prins , dat hij de onrusten begunftigde , en na de fouverai. niteit in de zeven Provinciën trachtte , namen toe: des wegen vond de Prins goed, op den 31 Januarij 1785, aan de Staaten dér Pro incie Hol. land, bij welken toen ten tijde het grootfte misnoegen heerschte, eenen brief te doen toekomen, met verzoek, denzeK-en openlijk bekend te maaken en aftekondigen: hierin meldde de Piins Erfftadhouder , dat er , van wtgen de ingewortelde vooroordeelen tegen hem, en zekere openlijke betuigingen zijner vrienden , het flechte voorwendfel plaats had , ais of hij zijne magt vermeerderen, en die zelfs met de fouverainiteit verwisfelen wilde; hoe hij vernomen had, dat de wapening , welke de hooge Overheid bevolen had, tegenftand vond; doch dat hij alle partij-

Sluiten