Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

%\1 BIJLAAGEN EN AtJTHE NTIQUIÏ STUKKE N.

den , gepleegt zullen worden. Men zal alles zorgvuldiglijk vermeiden, wat in het toekomende de gelukkig weder herftelde eenigheid zou kunnen verftooren; en daar en tegen bij alle gelegenheden, dat geene zoeken te bevorderen, wat de wederzijdfche roem, Intrest en Voordeel vermeerderen kan, zonder den geenen, welke het een of ander, tot nadeel der hooge contracteerende Partijen, mogt onderneemen, direct, of indirect, eenige hulp of bijftand te verleenen, zullende van nu of aan alles vergeeten worden, wat voor of na den aanvang der thans geëindigde Oorlog mogt zijn voor. gevallen.

Art. II, Met betrekking tot de eerbewijzing met de vlaggen, en het falueeren op Zee, door de fchepen der Republiek, omtrent de fchepen zijner Groot Brittannifche Majefteit, zal van beider zijden alles blijven, als voor de nu geëindigde Oorlog gebruiklijk ge. weeft is.

Art. III. De Gevangenen door beide Oorlog voerende Mogenheden, zo te Water als te Land genomen, zullen, ten langften in den tijd van zes weelen, te reekenen van den dag der uitwifïeling, en ratificatien deezer Preliminaire Artijculen af, zonder eenig los geld weder terug gelevert worden. Ieder derMogengenheden, zal de verfchotten, welke, tot onderhoud hunner gevangenen, van den Souverain, waar zij zig ophielden, befteed wierden, refpecteeren , en volgends Quitantie en Authentique bewijzen, voldoen; verder zal van wederzijde zekerheid gegeeven worden, dat de fchulden, welke de gevangenen, geduurende hun gevangenfehap, tot op hunne vrijgeeving toe, gemaakt

Sluiten