Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 6')

van zyn, Hoogheid, de Prins op het Loo, ovei' het doodfteeken van dien Baron Goudejïein te ,, Leiden, verzogt en bekomen had" — Pardon * Nigt! .Pardon, zeide ik, daar ben ik tegen - ik zou hem liever al zyn leven lang hebben zien zwerven, of op myn kamertje verftompelt hebben — En hebben wy hem allen niet gepardoneert, hoe komt dan het Pardon van den Prins te pas? 't is buiten my omgegaan, en ik pryze jou lui daarom, dat jy Neef Willem zo maar zonder Pardon weer in het Land hebt laten komen— was ik zo nietoverftelpt van droefheid over het zalig affterven van dé brave Juffrouw de Vry, waar van jylui, zegt Daatje, ook al de omftandigheden in druk hebt uitgegeven , zou ik u, nu alles tog maar publick is, meer fchryven. Zeker kon dat braave mensch, al had zy in haar geheele leeftyd op haar rug 'er om leggen denken of bidden, geen beter tyd van fïerven uitkiezen dan aanftonds nahaare te rugkomst yan de bruiloft van Neef Willem en Criy'e, zy had lm verder niets beters te doen; het was, om de eige woorden van Laatje te gebruiken, die my alles, vertelt heeft, als of zy zeide : kom , zie hoe eert

waar Christen fterft het eenige , dat ik 'er

voor my tegen had, is, dat zy daar zoo netjes irt het wit gekleed voor haar tafeltje den geest gaf, zie ik ben 'er voor, dat de Christen meiilchen op haar eige bed fterven, of is dat ook al ouwerwets? want ik weet wel, dat ik veele modens ten agte-

ren

Sluiten