is toegevoegd aan uw favorieten.

Vaderlandsch woordenboek [...]. Zeventiende(-agttiende) deel. GA-GEY (-GYZ).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ïoï

GELDER, enz;

Gelder, een Stad ofSteedjein Opper-Gelderland, aan de Niers, welks water de Stadsgraften vult. Venlo en Rijnberk leggen ieder omtrent vier uuren van daan. Vóór de elfde Eeuw was dit Steedje onbekend. Zekere otto bouwde, in het Jaar 1079, een flerkte, die hij den naam van Gelder gaf. Men weet den oorfpronk van deezen naam niet; alleen is het zeker, dat de geheele Provintie 'er den naam van Gelderland van ontleend heeft. Sommige hebben dit verkeerdelijk voor het oude Gelduba gehouden; waar van peutinger , in zijne Reiskaart, gewag maakt, en plinius reeds van gefprooken heeft; dan dit is niet anders dan Gelb, boven Ordingen geleegen.

Dit Gelder werd, in het Jaar 15E5, door den Schotfchen Kolonel ruTTON, dié, in afzijn van den Staatfchen Gouverneur marten schenk, deeze plaats bewaarde, voor 36000 guldens aan den Heer van hautepenne overgeleverd. Vijftig Jaaren daar na werd het driemaal, te vergeefsch, op bevel der Staaten, belegerd. De Brandenburg/'cben namen het, in het Jaar I70#, in, na eene Blokkade van agttieu maanden, en een bombardeering, die 15 agter een volgende dagen duurde; en egter hield de Stad het beleg nog twee maanden uit. Het fpringen van den Celderfchen Kruidtooren bragt Gelder merk* lijke fchade toe. De Stad Gelder, nevens het Land van Kes. fel en hetAmpt van Kruikenboek, die 'er, door reinout den ï, Hertog van Gelder, aangehegt waren, aan den Koning van Pruisfen afgedaan zijnde , flelde die Vorst 'er terftond een Raad in, die uit zeven Leden beftond, en magt kreeg om alle Zaaken , die in Pruisfisch Gelder voorvielen, te bellisfen.

Pontanus, Gelderfche Ge/ch. fol. 61. VAJï der houïe. llandv, Chronijk-

\

Gelder, (aenout van) een beroemd Schilder, gebooren te Dordrecht, den 26 Oftuber van het Jaar 1645- Hij leefde npg in '1 Jaar 1715. Zijn naam zal leven, zo lang zijn konst in wezen zijn zal,

Ho ub ba ken , III. Deel.