Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op Cortez. i£

weten? Hoe veel loopt hier faam' dat vooronderfteld moet worden? Daar evenwel het fraaije van een tooneeiftuk beftaat in eene klaarheid die alle ondcrftellingen, ten minfte het grootfte gedeelte derzelven, uitfluit.

Bladz. 35. Reg. 7: Die Sanctie fneefde, eer hy Elvires band ontfing.

Zonderling is het dat Pedro. die niet onkundig was van Cortez liefde voor zyne dochter , en haar zelfs aan een' naauwlyks bekeerden Heiden opoffert, en dat plotslings, alleen om haar aan Cortez te ontnemen, zyne dochter niet deed trouwen aan Sanche eer zy te famen naar de nieuwe waereld overftaken. Men ziet 'er al te handtastelyk door heen, dat de dichter den held eindelyk op een maagdom wil vergasten.

Reg. 10:

Doch naar wat kust Elvire en Pedro zyn gedreven, En of zy levend' zyn, of naderhand vérgaan, ' Hiervan heelt niemant in Toledo iets verftaan.

Het is wonder dat Cortez, op het bericht van het onzeker lot zyner gewezene beminde, niet in eene zigtbare ontroering geraakte. Hy merkt flechts, en dat vry koel, aan, dat de lieden, die de tyding bragten van het ftranden van 't fchip, toch iets hebben moeten weten en zeggen van Pedro en Elvire. Deze koelheid is zeldfaam in „ een' minnaar door de liefde gantsch verblind". Voor 't overige is de dubbelzinnigheid van Pedro hier een mecsterlyke greep. Jammer is het dat die niet word te werk geftcld, dan met afzigt van een onbetamelyke wraak.

Reg. 28:

Door ons van 't echtaltaar by 't morrend volk te voegen, De koning wil zeggen : „ Door ons, na het .,, voltrekken der huwlyksplcgtigheid, tegen het

' „ mor-

Sluiten