is toegevoegd aan uw favorieten.

De tooneelspel-beschouwer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 6 .)

genoodzaakt kan worden zyne fchandtaal te bewyzen, of den gehoonden reprefaille van eer te geeven.

De dronkenfehap, die onze hooner ons ten laffe legt, eene zedelyke misdaad zynde, gaanwy hier, willens, met ftilzwygen voorby: deze betichting moet voor eene andere dan aardfche rechtbank gebragt worden.

Als een uitwcrkzel van gezegde Dronkenfehap, geeft onze lafteraar op, dat wy gefchreeven zouden hebben;

■ —— • , Ach! hoe fchoon , ,, Ploe zilverwit zyn de onderrokken 3, Van onze actrices !

maar hoe ongetrouw wy hieromtrent behandeld worden, blykt uit ons vertoog over de reprefentatie vaa De Deugdzaame Armoede, Bladz. 5: wy beklaagden ons daarin dat de aanfchouwcr onheus genoeg ge weeft was, om Mejuffrouw van matrle te belachen, daarover, dat eene van haare rokken onder de andere uitkwam : — om dat belachen in het waare licht voor te Hellen ; om 'er de onredclykheid van aan te toonen , zeiden wy, dat niet een onaanzienlyke. morfige, maar een zUverfchoone witte rok. niet op eene aanftootelyke, of waariyk belachelyke wys,maar Hechts meteen/mal randje van achteren onder de bovenrok der gezegde Actrice uitkwam: — zie daar Lezer de trek welke onzen lafteraar zo befpottelyk voorkomt; de trek waaraan hy waariyk kan zien dat wy ons in den drank verloopen: — is 't niet zo,dat een lafteraar alleen zulk een oordeel kan vellen ?

Maar dit komt nog niet in vergelvking van het volgende: