Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL. zz>

Aanfchouw toch eens uw kind» myn vader, ei gedoog Dat ook myn vreugde mag uitfchitt'rcn voor uW oog.

Dat ik u , .

Agamemn on. Wel, myn kind, omhels, omhels üw'vader. Kom dochter, nimmermeer trof hem uw liefde nader. Ifigenia.

Wat is me uw liefde waard! wat vreugd genieten wy Doom te aanfchouwen in uw nieuweheerfchappy. De faam met uwe magt en grootheid uit te blaazen, Deed ons van verre aireè verwond'ren , en verbaazen; Maar ziende u vannaby, met glorie overlaan, _ Vermeerdert mynevreu'gd,groeitmyn verwond'ringaan. Wat heil is 'tGricken dat het u mag veldheer noemen, Wat vreugde is 't ons, datwy op zulk een vader roemen!

Agam emnon. Een veel gelukkiger zyt gy, myn dochter, waard. Ifigen ia.

Wat fchort aan uw geluk? wat is 't dat u bezwaart ? Kan wel een vorft meer heil, of meer geluk begeeren ? 'k Dacht nooit de Goón daarvoor genoeg te kunnen eeren.

Agamemnon, Moet ik haar tot haar ramp bereiden, Goden, ach! Ifigenia.

Gy wendt uw aangezicht! gy zucht! wat of u mag üntftellcn ! gy ziet me aan bedroefd! waar wil dit heencn !

Zyn wy ook buiten laft vertrokken van Mycenen?

Agamemnon. Neen, gy behaagt altyd myne oogen; maar de tyd Is met de plaats verkeerd;. een wreede zorg beftrydt Myn zinnen.

Ifigenia. 'kBid, dat gy de zorgen, die u kwellen, Tcrwyl ik by u ben, wilt aan een zyde Hellen.

3 'k Voor-

Sluiten