is toegevoegd aan je favorieten.

Byvoegzels op het vaderlandsch woordenboek, oorspronklyk verzameld door Jacobus Kok. H-Z.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OMMEN, enz. 34S

Kermis, en veele Markten, die'er jaarlijks gehouden worden, van eene groote markt, die men de Ommer-Bisfinge noemt, en die alle jaaren, in de maand van Julij, gehouden wordt. Dezelve duurt maar één dag. Alle Waaren, vooral Linnen en Huismans Gcreedfchap, zijn 'er te koop, en de toevloed van menfchen is zeer groot. Vóór het Jaar 1795 maakten acht Burgemeesteren , waar van vier Schepenen en vier Raaden waren, die jaar om jaar op St. Pauli gecontinueerd of veran» derd wierden en malkander afwisfelden, de Magiftraat uit. Acht Gemeensluiden behielden hun ampt leevenslang. 'Er is een Secretaris , die dat ampt mede voor zijnen leeftijd bekleed. Vit Medegedeelde Berigten.

oostekdyk , ( herman nüs ger ar rus ) AttZ en Dichter ,

wierdt geboren in het vermaaklijk Dorp Katwijk aan den Rhijn, op den negentienden November des jaars 1731. Zijn Vader, jacobüs oosterdyk , oudfte Zoon van hermannus oosterdvk schacht, Hoogleeraar in de Geneeskunde te Ltij' den , bekleedde aldaar het Leeraarampt onder de Hervormden, doch wierdt, toen zijn Zoon nog geen halfjaar oud was, na Utrecht beroepen. Iets meer dan negen jaaren oud zijnde, kwam hij op 't Latijnfche School, alwaar hij ftraks uitfteekende vorderingen maakten, uit hoofde van de fmaak, welken hij, al aanftonds, in de Latijnfche taaie vondt. Op den vijftienden Februarij des Jaars 1744 verloor oosterdyk zijnen Grootvader, en 'sdaags daaraan zijnen Vader. Dit niettegenftaande zette hij zijne Letteroeffeningea voort, met dien gelukkigen uitflag, dat hij, in de Maand September des Jaars 1746, om tot hooger onderwijs op te klimmen, het Latijnfche School verliet, met het doen eener Redevoeringe, waar van het onderwerp was: Medicos Reipublicee magis esfe vecesfarios quant Cauifidim; ,, dat de Geceesheeren nood. „ zaaklijker voor het Gemeenebest zijn , dan de Regtsge» „ leerden." Te weeten, 't was op raad van zijnen Grootvader , dat oosterdyk , al vroeg, zich tot de Geneeskunde bepaalde, hoewel hij, in zijne kindschheid , veeb blijken hadt gegeeven van grooten zin te hebben om Predikaat te worden, en zulks wel om dtas gelegenheid te hebben, om in Q 1 • to