Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CO

ve zo fnood misbruikt, of waarom is ze dus ten ontijde in uwen boezem werkzaam ! — Waant gij, zagtaartige Koning! dat het ten nutte van. uw Rijk verftrekt, dat gij dus verregaande toegeevende zijt? Gij wilt de Vader van uw Volk

weezen, —— o! niets is prijslijker dan dat! ■

Maar, dat Volk, ten minden diegeenen, welken zig die grootfchen naam aanmaatigen, willen uwe

Kinderen niet zijn! . Of, zo ze het zijn, dan,

zijn het weerbarftige, dan zijn het ontaarte kinderen die het Vaderlijk gezag met den voet vertreedcn; die uwe liefderijke inzigten enbevee' len, op eene ftrafbare wijs verijdelen en veragten, en die, wel verre van u een dubbel verfchuldigden eerbied te betoonen, u in hun hart niet de daad veragten; en die, of dit genoeg ware, u ook alomme veragtlijk maken!

KONING.

Maar vergeet gij de verpligting, die ik mrj

zelve heb opgelegd? Heb ik niet beloofd

der Vergadering getrouw en op zijde te zullenj blijven? —-

B O TJ I L L e'.

Maar vergeet gij mijn Vorst! den haatlijkefi dwang, waardoormen, in fchijn vrijwillig, dergelijke beloften u heeft wéeten aftepersfen? Vergeet gij, dat men zig fchuldig maakt, wanneer men de rechten der kroon fchend, en dat de Opperde Magt zelf deeze misdaad niet vergeeven kan? En hoe dikwils is dit niet, ten uwen op-

zigte, gefchied? o Franfchen! weleer zo

ingenomen met uwe Vorften, wat is er van uwen

Sluiten