Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(tl)

den braaveu BlM.wfdïe zig weldra in het beminnelijkfte licht voor zijne oogen verwonde, zijne lotgevallen konde vernaaien; en deeze was gelukkig genoeg om den voorfmaak van eene kalmte in zijne ziel terug te brengen, die federt langen tijd bij hem onbekend geweest was :„ God!" zeide sïDnij, met een verfhauwde ftem, en fnikkende, „ zoude 'er nog een men sch op aarde beftaan ?" „ Ja ongelukkig Jongeling!" antwoordde sixxix, „ ja, gij hebt een mensch, gij „ hebt een' vriend gevonden, ik zal 'er u „ bewijzen van geeven; laat ik u met het „ menschdom bevredigen!"

Na verloop van weinige dagen was sibniJ tot zo verre herfteld, dat hij zijnen vriend naar elders konde volgen; deeze begeleidde hem in een zindelijke kamer; en naauwlijks was sidntj binnen getreden, of vloog met een gil in de armen van een'grijsaart die'er zat-«met een gebroken item riep hij uit: „ Bit is 't werk van den Almagtigen! - mijn vader!

1 mijn vader!" —— hij bezweek, en de

grijsaart, (deeze was indedaad dt vader van

SSD-

Sluiten