Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 3i )

Terftaande-. dattentyde van den brand ongehouden

zyn op hunne loopplaatfen te verfchynen ; alle de Schutteren, woonachtig in de vier naafte gebuurtens vün de plaats daar den brand is , dog ten aanzien .van de Schmieren welke op hunne locpplaaden verfcheenen zyn, dezelvee zullen ( indien het nodig geootdeelc word ) op ordre van Die van den Gerechte dezer Stad geleidt worden, omdeitraaten naar den brand lopende, te bezetten, en daar van te weeren (zelfs des noods met gewelt ) de vrouwen, mitsgaders alle mansperfoonen en kinderen, welKen bludinge vaa den brand geen ditnft kunnen doen, eu te beletten alle t'famenrotuage, beroo* vinge, en diergelyke kwade zaken.

XIL.Dat die geenen welken tot fluiting van den brand niet zyn gerequireert , en echter door de fchutterswagten doordringen, veibeiuen zullen eenen boere van vyf guldens , ten behoeven van den Armen , dog zullen niet te min zodanige welke van den bloeden, of goede bekende zyi,, van die geenen welKen onder het perieul van den brand zyn, zich be«oorlyk aan den Officier van de fchuttery aangevende;,, r.iec geweert , maar met discretie doorgelasten worden, zoo nogtans, dat aan niemand dan van den bloede3 en fpeciaal by den Officier der ichutterye bekent , toegelaten zal worden eenige goeder en buiten de bezettieg van de burgerwagt, te mogen wegdragen.

XIII Dat de voorgemelde fchntteren van hunnen looppiaatzen niet zullen mogen gaan. als op lpecials ordre van Die van den Gerechte , hen door den Collepel of respective Hoofdmannen bekent te maaken ofophethooren van het doorgaande geluit van het werkklokje , aanduidende dat de nood van brand over en vermeeitert is, uitgezonden het vaendel daar den brand is , het welke gehoude is aldaar te biyven, zoo lang het de twee Heeren Scheepensn zul* *en nodig oordeelen.

XIV. Dat om alle confufie tentydevan brand te beletten . geen commandeerende Officiers eenige van hunne fchut teren yan hunne loopplaatfen, hoeverre

ook

Sluiten