Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over MARCUS X. vs. 13—16. 29

ren! ziet eens hoe lief hij ze heeft! ó Zijne geheele houding, de trekken van zijn gelaat , zijn op hen neêrgeflaagen oog, alles fpreekt, alles teekent zijn ge*» voelig hart , zijne groote geneegenheid , en weldaadige gezindheid: en wij moeten vast gelooven dat hij niets meer naar buiten vertoonde, dan er in zijn hart omging. Toen hij hun de handen op het hoofd leij, was dat niet maar een uitwendig teeken ; de woorden , die hij fprak toen hij ze zeegende , niet maar kragtelofe wenfchen; maar 't ging met kragt gepaard , en die kinderen verkreegen alles wat die lieve Jefus hun wenschte.

Ziet gij nn niet verfcheiden' blijken dat Hij hen lief had?

Ondertusfchen moet ik dit nog in het voorbijgaan zeggen , Jefus vergat ook andere menfchen niet, maar maakte ook dit voorval nuttig voor zijne Leerlingen en vrienden, voor de Ouders, en anderen die hier bij waren.

B 3 Hij

Sluiten