Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'winnen. Hij zettede zig neder ; Vroeg öift eenige vellen fchrijfpapier , vouwde dezëlven, verfneed verfcheidén pennen ; haalde zijne aantekeningen Vóór den dag, en wilde "beginnen, om ze in 't net te Hellen. Hg fchreef omtrent een halve bladzijde^ Het begon hem te vcrveelen. Hij lag de pen neder , vattede dezelve' weder op cn fmect ze eindelijk, met al de papieren, die hij voor zig had , zo verre weg als zij vliegen wh> den; zijne oogen geraakten vol traanen; hij rees fchielijk op, omhelsde mij, en weende bitterlijk in mijne armen.

Gij zijt mijn vriend, zei hij, ik weet het, ik ondervind het, maar, ach! gij zijt een beter vriend waardig. —

En waarom?

Helaas ! mijn ziel ê,oor 1 eene bejlendige trivergenoegdheid voortgedreeven, moet zulk een kloekmoedig hart als hét uwe, lastig vallen,

—vervielen! •

Mijn waarde Jan gij ként de vriendfehap hlet, en uwe ganschlijke ongefteldheid komt alleen voort, om dat gij de waereld niet

regt kenti Ik ben uw vriend , en ben

het juist daarom te meer, om dat ik zie* Jat, in weerwil van uw goed en edel hart ,

: III. DÉELv C

Sluiten