Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T O o N' t K t 5 ? s ti ' 5S

eph'ohim amorofam — zij als een wind in de naaste kamer , en ik werd vervolgends tegen morgen op een glas wijn verzocht.

karel.

O ik moet u omhelzen daar, oudé

gaauwedief! hebt gij een ducaat, maar iaat mij u eerst omhelzen. Qly drukt hem vast in zijne armen.)

rudolph, fchreeuwende.

O wee! habeas velim mifericordiam Domine ! Morior. . . Ach ik ben reeds geftor-

venj Foei, foei! een voormaalige oude

Dorpprediker, met zulk eenen beledigenden naam te bcftempelen — Toen ik heen wilde gaan , liep zij mij na , en drukte mij pra/extern epistolam. . •

karel.

Wat gaf zij u . . ?

r' V. d o l p h.

Patieniiam'-- Zij ftak mij deezen briefin de hand. (Hij z-ekt in zijn zakken en ziet gednurig naar Karei of hij ook zij» keurs uit zal haaien.) Goede Hemel! Mi I) ru:.! o me infortunatum ! Ik geloof ik heb hem verloren.

Sluiten