Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

itfiS.

De Hol- i landfche ■ Gemag- ' tigden ' geeven i der be- | zetting, ten laste ' van Hol- 1 land 1 ftaande, : bevel i om den Staaten 5

030 VADERLANDSCHE XXXVIILBoek* ook een brief gelezen, door den Advokaat gefchreeven aan Ledenberg, en meldende, „ dat hy, voor deezen tyd, geene hulp wist „ te doen aan de Stad; doch dat de Franfche „ gezanten gekomen of voorhanden waren, „ door welker middel, men zyne Doorlugtig„ heid uit Utrecht zou zoeken te trekken (V)." Moersbergen, Groveftein en Ledenberg begaven zig, hierop, naar de Hollandfche Gemagtigden , welken zy aandienden, 't gene hun van Harteveld voorgehouden was, De Hollandfche Gemagtigden veroordeelden 't gedrag van Harteveld, zeggende, zo Groveftein verklaard heeft, dat hy zynen meesteren, die hem betaalden, getrouwer behoorde te zyn. Doch de Groot heeft naderhand, gefchreeven, dat hun flegts gezeidwas, dat Harteveld zwaarigheid maakte, de wagten waar te neemen, die hem, by de Staaten, en by de Wethouderfchap der Stad, zouden belast worden; en dat zy, hierop , diergelyk antwoord gegeven hadden (j> r/erftond hierop, ontboeiden ze eenige Hopuiden der gewoonlyke bezetting, ftaande ter jetaalinge van Holland (2), welken zy den eed /oorhielden, en bevel gaven, om den Staaten /an Utrecht gehoorzaam te zyn. Ook leverlen ze hun toen de brieven over, waar by hun liergelyk bevel gegeven werdt, door de Staaen van Holland, gelyk zig de meerderheid •loemde. Vooraf, hadden ze den Prinfe vergaard 5, dat zy de uitvoering van dit gedeel, te van hunne last, tot hiertoe, hebbende

» uit-

faO Interrog, ynn D. van Eek. Art. XV. IU. S.

Cr) Grotius Verantw. Cap. XIX. bl. 273.

t*j Interrog, ven Grovelteyn. Art. XXXIII. S,

Sluiten