Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Staat des oorlogs, in Hongarye,

230 VADERLANDSCHE LXVLBoek.

deedt eenen onverwagten togt naar Warfchauw, en overviel eenig Krygsvolk van Koning Stanillaus aanhang. Doch Karei de XII, hem kort op de hielen zittende, noodzaakte hem, eerlang, naar Saxen te rug te keeren. Midlerwyl, werdt Lyfland aigeloopen door de Rusfen, die zig van Nerva meester maakten, en zelfs de wapenen overbragten in Zweeden. Maar Karei de XII. was zo ingenomen met den toeleg, om Koning Augustus te onder te brengen, dat hyzig, met zyn Leger, in Poolen bleef ophouden , zonder zig 't gevaar, welk zyn eigen Ryk liep, naar behooren, ter herte te laaten gaan. Hy hadt de Stad Dantzig ook genoodzaakt, hem eenige punten in te willigen, zonder dat de Staaten, fchoon hiertoe aanzogt van wege deeze Stad, zulks hadden konnen voorkomen («).

De opftand in Hongarye duurde nog, wordende gevoed door het Franfche Hof, en, voor eenen tyd, ook door de Porte. De Keizer werdt genoodzaakt, zyne krygsmagt te verdeden, en een Leger te voeren in Hongarye: 't welk hem buiten ftaat ftelde, om een genoegzaam aantal van manfchap in Italië en in Dnitschland te onderhouden. Men handelde wel over eene vrede; doch Ragotski, het hoofd der misnoegden, zou zig gaarne in 't bezit gezien hebben van het Prinsdom Zevenbergen, welk de Keizer niet gezind was af te ftaan. De handeling werdt dan afgebroken : de vyandlykheden werden hervat: en fchoon de misnoegden

To^PllFp^z-w VI' XX1'] P' 92' 93' LAMBEim

Sluiten