Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XLIV.Boek. HISTORIE. 491

van den Heere van Wimmenum, federt, eene verklaaring, dat hy het opmaaken van dit gewigtig beQuit, buiten zyne beurt, op hunnen uitdrukkelyken last, gedaan hadt (y). Die van Utrecht verklaarden , hierop, den tienden, n dat zy wel gewenscht hadden, dat de Vrede „ tusfchen de twee Kroonen, te gelyk met dee„ze, getekend was; alzo zy altoos van gew voelen geweest waren, dat men, te Mun¬fter, niets, zonder Frankryk, behoorde te „ fluiten; doch dat zy, de onheilen, die uit de 9y verdeeldheid der Gewesten te dugten wawren, willende voorkomen, zig niet langer 5, begeerden te kanten, tegen de bekragtiging „ van het JMunfterfche Verdrag (2)." Zy geichiedde ook, eerlang, door zes Gewesten, en tot de uitwisfeling der bekragtigingen, werdt de vyftiende van Bloeimaand vastgefteld. De wederzydfche Gevolmagtigden begaven zig, tegen dien dag, naar Munfter. De uitwisfeling ] gefchiedde, aldaar, zeer plegtiglyk, op de 1 groote zaal van 't Stadhuis, in 't gezigt eener j talryke menigte. De eed werdt,door de Staat-, fchen, gedaan,met opfteekingder twee voorfte f vingeren van de regterhand. De Spaanfchen leiden de regterhand op het Evangelie, waarop een zilveren kruis geplaatst was, en hieven ze, daarna, op, naar den Hemel. Op den volgenden I dag, werdt de Vrede, openlyk, afgekondigd, te Munfter (#). Zo dra men'er inden Haage £

ty-

(yj Refol. Holl. 5 April 16/18. bl. 118.

Cz) Refol Utrecht 31 Maart [10 April] ifi.iS. by Wicquef. Tom. I. Pretiv. p. 212. en by Aitziïma Vredehand. bl. 373, Refol. Gener. Joyis 16, 17 April 1648. MS.

<e)Milh'ven van 19 May 1641; by Wicquefort Tom. I. freuy p, 213.

164R.

)e he.

;ragti-

ingen

irorden

itgewii-

:ld.

>e Vrede s Muner afreandigd.

Sluiten