Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\y. Boek. h i S T OR i E. 40 ï

om zig van zyn ampt behoorlyk te kwyten.' Doorgaans fchreef hy hierom aan de Kloosters in Engeland. Ook verzogt hy den bovengemclden Bisfchop Daniël, om zeker Bock, vervattende zes Profeetcn, in klaare en volkomen' Letters gefchreeven, en door zynen overleedcn Meester, den Abt Winbert, nagelaaten; alzo hy, door ouderdom reeds merkelyk zwakker van gezigt, de kleine en ineengetrokken' Letters niet langer onderfcheiden kon (ld). De Abtdis Edburg badc hy, t'eenigen tyde, voort te gaan, om, gelyk zy reeds begonnen hadt, de Brieven van Paulus voor hem uit te fchryven, cn met gouden Letters te verfieren (Y). Hy bezat ook Verhandelingen over den Brief aan de Romeinen en den eerften aandeKormthers \ dóch zou 'er gaarne uitleggingen over de andere Brieven by gehad hebben (d). Voorts waren de Brieven van Paus Gregorius den grooten (e) en de Werkjes van Beda by hem hoog geagt; van welke laatften hy zo veelen verzamelde, als hy magtig worden kon (f). Veel moeite hadt hy ondertusfchen , om de noodige fchriften te bekomen. De Drukkohst was nog niet gevonden. Met het uitfehryven verliep veel tyds. Somtyds klaagden de Kloosterlingen over de felle winterkoude (g), fomtyds over dejigt,diehuri

hes

(ZO Epift. Bqnif. ITT- p. 7.

(O Epift. Bonif. XXVIII. p. 49.

(d) Epift. Bonif. XXII, p.

(O Epift. Bonif. CXUX. p. 536.

(M Epilt. Bonif. VIII. p. 12. IX. p. 13. CXt. p. 23I.

£f) Epift. Gudberct. inter. Bonif. LXXXIX. p. 134.

i. Deel*

C G

Sluiten