is toegevoegd aan uw favorieten.

Natuurkundige beschouwingen: of Historische zedelyke & aangenaame bespiegelingen. Over de werken der natuur.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< m >

NB. De grootste uitbreiding van den dampkring is niet onmidlyk hnregt beneden de zon . maar eenigzins vèrck- r in den avondftond ,' of beoosten de zon; als te A ; dewvl de herte nog toei.eemt eem'gen tyd na dat de zon toppuntig is geweest.

Het onderfte figuur is een gezig.- van den aardbol , vertoonende den loop der winden aan iedere zyde van den ever aar f H Q * A B vcibeelt een gedeelte van de groote Zuid Zee, en de wind beftendig waaiende, met etne gemengde richting, uit het noorden en oosten, naar den evenaar; doch door de tusfchenvallenue landen, eiknden &c. van C tot D , word hy zodanig uit zynen loop getrok. ken, dat hy eene gantfch andere richting aanneemt, volgens de ligging dier landen.

Ten westen dezer landen waait de wind weder befiendig naar den evennaar; uit eenen hoek daar hy geen beletfelen aantreft- namendyk uit het zuiden ; dus is zyne richting hier eene vereeniging van het zuiden en oosten ; en dusdanig waait hy tot dat hy d< or het land weder word gefluit; gelyk te 1-G toont aan, dat de -ind, geduurende de eene helft van het jaar, uk don eenen hoek waait; en H, dat hy de anaere helft uit eenen tegenovergeffelden hoek waait Dit heeft plaats in die ftreeken alwaar de zee eeniger maate bepaald word door uitffeekende landen ; doch alwaar de Zee wyd en

uit-