is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw licht voor vroed-meesters en vroed-vrouwen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Scheef Leggende LTF MOEDERS 367

hebbende wel onderfcheiden, of men het linker of het regter been eerft gehad heeft, want volgens dat kan de linker of de regter handt ook het andere been belt halen, of men zal volgens dat dezelve handt beft weten te befturen.

Men zal ligtelyk konnen weten, of het het linker of het regter been is, wanneer men het been, het zy regt of gebogen, aan de teenen examineert, dewyl onfeilbaarlyk het andere been moet leggen aan die zyde, daar de groote teen ftaat, te weten , binnens voets: derhalven moet de band die men zuil gebruiken, om het andere been te foeken, inglyden met zyn buitenfte zyde tegens de binnen zyde van de voet, en klimmen alzoo op tot by den aars of by de buik van hel Kindt, alwaar nootzaakelyk het andere been zyn begin moet nemen, waar van daan men ook als dan moet voorts langs het dikke van de dye na het been, en zoo tot aan het voetje neder glyden, 't welke verkregen hebbende, men ook moet na zig halen, en met het eerfte in de geboorte brengen, op die wyze die meeft voegt na de legging van het Kindt; niets moet met geweld, maar alles natuurlyk uitgewerkt werden.

Wanneer men nu alzoo beide de voeten in de geboorte heeft gebragt, en men bevind, dat ze verkeert leggen, te zoeten, met de teenen om hoog, en de hielen na beneden, zoo moet men van die tydt aan bedagt zyn om het Kindt allengskens te keeren, het welke men dan doen moet allengskens de voeten na zig trekkende, brengende de eene hand zoo diep van onderen opwaarts, als men kan , om met dezelve, het Kindt na zig halende, te helpen draaijen , tot dat het Kindt eindelyk met de teenen en de buik onderwaarts gekeert komt, zvant als dan is'er niet zoo veel gevaars voor 't Kindts hooft om met de Kin tegen de Schaam beenderen vaft te blyven hangen , en het kan veel gemaklyker door pafleren: wanneer het Kindt dat met de beenen en de buik tot aan de borft gebooren is, zoo behoeft men fig niet te bemoeijen, gelyk andere Schryvers leeren, om de armen een voor een na beneden te balen; gantfchelyk niet; maar men moet als dan met de eene handt de voeten houdende, den andere onder de buik en borft zoo verre doen indringen , als het mogelyk is, of doende de voeten ruften op de fchoot, zoo kan men de eene handt onder en de andere hand

boven